Rente is de vergoeding voor het geleende geld; het jaarlijks kostenpercentage (JKP) drukt de rente en andere meetellende kredietkosten uit als een percentage per jaar. Daardoor geeft het JKP een bredere basis om leningen te vergelijken dan de rente alleen. Houd daarbij het leenbedrag, de looptijd en het betaalschema gelijk en bekijk ook hoeveel je in totaal terugbetaalt.

Wat is het verschil tussen rente en JKP?

De nominale rente bepaalt hoeveel rente wordt berekend over het geleende bedrag. Bij een lening waarop je maandelijks aflost, wordt die rente berekend over de nog openstaande schuld. Het rentepercentage vertelt op zichzelf niet welke bijkomende kosten je betaalt.

Het JKP neemt meer mee. Volgens de Autoriteit Financiële Markten (AFM) omvat het naast de kredietrente ook provisies, belastingen, kosten van verplichte aanvullende diensten en andere kosten die bij de kredietaanbieder bekend zijn en verband houden met het krediet.

Dat verschil is belangrijk wanneer een aantrekkelijke rente samengaat met aanvullende kosten. Een aanbieder kan een lagere rente rekenen, terwijl een verplichte dienst of eenmalige vergoeding de jaarlijkse kredietkosten verhoogt. Welke aanbieding voordeliger uitvalt, hangt dan af van het geheel van rente, meetellende kosten en betaalmomenten.

Het JKP is een vergelijkingspercentage, geen afzonderlijke jaarlijkse rekening. De bedragen die je daadwerkelijk betaalt, volgen uit de afspraken over termijnen, rente en overige kosten. Je telt het JKP dus ook niet bij de rente op: de rente maakt al deel uit van de berekening.

Welke kosten tellen mee volgens de AFM?

Rente en JKP: zo vergelijk je de kosten van leningen

Voor Nederlandse consumenten noemt de AFM de volgende kosten bij het JKP. Vooral het verplichte karakter van een aanvullende dienst en het verband met het krediet zijn van belang voor de vergelijking.

KostenpostWat valt daaronder?
KredietrenteDe rente over het geleende geld
ProvisiesProvisies die verband houden met het krediet
BelastingenBelastingen die verband houden met het krediet
Verplichte aanvullende dienstenDe kosten van diensten die verplicht zijn bij het krediet
Overige bekende kredietkostenAndere kosten die de aanbieder kent en die verband houden met het krediet

Vraag bij een aanbieding met aanvullende diensten welke daarvan verplicht zijn, wat ze kosten en wanneer je ze betaalt. Een bedrag dat bij het afsluiten verschuldigd is, heeft een ander effect op de geldstromen dan een bedrag dat verspreid over de looptijd wordt betaald.

Gebruik voor Nederlandse aanbiedingen het vermelde JKP. Buitenlandse aanduidingen zoals APR en TAE hebben eveneens betrekking op jaarlijkse kredietkosten, maar de berekeningswijze en de kosten die meetellen kunnen per land verschillen.

Aanbiedingen onder gelijke voorwaarden vergelijken

Een bruikbare vergelijking begint bij dezelfde leenbehoefte. Wanneer je tegelijk het bedrag, de looptijd en de betaalmomenten verandert, wordt het lastiger om te zien waar een kostenverschil vandaan komt.

Controleer daarom deze onderdelen naast elkaar:

  • Het leenbedrag en het netto ontvangen bedrag. Worden kosten direct ingehouden, dan houd je minder geld over om te besteden.
  • De looptijd. Een andere looptijd verandert het aantal betalingen en de periode waarover rente wordt berekend.
  • Het betaalschema. Vergelijk dezelfde betaalfrequentie en let op het moment van de eerste termijn en een eventuele aflossingsvrije aanloopperiode.
  • De bijkomende kosten. Bekijk welke bedragen eenmalig verschuldigd zijn en welke terugkeren.

Vergelijk vervolgens het JKP met het JKP van de andere aanbieding, niet met alleen het rentepercentage. Houd daarnaast het termijnbedrag en het totaal te betalen bedrag in beeld. Het termijnbedrag laat zien welke last je budget moet dragen; het totaalbedrag laat zien hoeveel geld er gedurende de hele looptijd uitgaat.

Een ‘goed’ percentage is daardoor geen losstaand getal. Voor een zinvolle beoordeling moeten het soort lening, het bedrag, de looptijd, de betaalmomenten en de verplichte kosten bij elkaar passen.

Rekenvoorbeeld: dezelfde rente, maar extra kosten

Rente en JKP: zo vergelijk je de kosten van leningen

Een hypothetisch voorbeeld maakt zichtbaar wat een eenmalige vergoeding doet. Dit is een rekenvoorbeeld in geldeenheden, geen aanbieding van een Nederlandse kredietaanbieder.

De uitgangspunten zijn een lening van 10.000 geldeenheden, een looptijd van twaalf maanden en een nominale jaarrente van 12%. Er zijn twaalf gelijke maandtermijnen, de eerste betaling volgt na één maand en er is geen aflossingsvrije aanloopperiode. De maanden worden voor de berekening als even lang beschouwd. Verder zijn er geen kosten, behalve een eenmalige vergoeding van 100 geldeenheden in het tweede scenario.

Bij deze rekenopzet met gelijke maandtermijnen is de maandrente 1%: de nominale jaarrente van 12% gedeeld door twaalf. De maandtermijn bedraagt ongeveer 888,49 geldeenheden.

In het tweede scenario houdt de aanbieder de vergoeding in op de uitbetaling. De schuld blijft 10.000 geldeenheden en het betaalschema blijft gelijk, maar je ontvangt netto 9.900.

OnderdeelZonder eenmalige vergoedingMet eenmalige vergoeding
Geleend bedrag10.00010.000
Ingehouden vergoeding0100
Netto ontvangen bedrag10.0009.900
Nominale jaarrente12%12%
Aantal maandtermijnen1212
Maandtermijn, afgerond888,49888,49
Som van de termijnen, afgerond10.661,8510.661,85
Effectieve jaarkosten in dit rekenvoorbeeldCirca 12,68%Circa 14,97%

Alle bedragen in de tabel zijn geldeenheden. De som van de termijnen is berekend met de onafgeronde maandtermijn en daarna afgerond.

Waarom stijgen de jaarkosten terwijl de maandtermijn gelijk blijft?

Je ontvangt in het tweede scenario minder geld, maar doet dezelfde toekomstige betalingen. De vergoeding verlaagt dus de netto-opbrengst van de lening zonder de terugbetalingen te verlagen. Daardoor stijgen de berekende effectieve jaarkosten van ongeveer 12,68% naar 14,97%.

Ook zonder vergoeding wijkt de effectieve jaarrente hier af van de nominale 12%. De maandrente van 1% wordt voor de effectieve jaarberekening samengesteld: 1,01 tot de twaalfde macht, min 1, komt uit op ongeveer 12,68%. Het verschil tussen een nominale rente en een effectief jaarpercentage kan dus ook ontstaan door de manier waarop de periodieke rente wordt omgerekend.

Het percentage en het bedrag beantwoorden verschillende vragen. De effectieve jaarkosten maken de geldstromen vergelijkbaar op jaarbasis. Het verschil tussen wat je ontvangt en wat je terugbetaalt, geeft de kosten in geldeenheden: ongeveer 661,85 zonder vergoeding en 761,85 met vergoeding.